Research Institute Child Development and Education

Home-Start Onderzoek

Opvoedingsondersteuning

Onderzoeksgroep

54 gezinnen die Home-Start kregen zijn vergeleken met 51 gezinnen die ook stress in de opvoeding ervoeren maar geen opvoedingsondersteuning ontvingen (zij kwamen uit een regio waar Home-Start niet aangeboden werd). De gezinnen vulden op 4 verschillende momenten (voorafgaand aan Home-Start, na 1 maand Home-Start, na afloop van Home-Start en een half jaar na beëindiging van Home-Start) een vragenlijst in en werden thuis bezocht, waarbij observatiegegevens verzameld werden.

De groepen verschilden niet in etniciteit, leeftijd, geslacht van het kind, aantal kinderen in het gezin, aantal levensgebeurtenissen gedurende de afgelopen twaalf maanden, opleidingsniveau van de moeder en gezondheidsproblemen. Home-Start moeders waren echter wel significant jonger dan moeders in de vergelijkingsgroep en waren vaker alleenstaand. Voor die variabelen waar de groepen wel verschilden, is statistisch gecorrigeerd.

Resultaten

Home-Start bleek effect te hebben op het welzijn van de moeder. De moeders die steun van Home-Start hadden gehad voelden zich vergeleken met de controlegroep minder depressief en meer competent in de opvoeding. Qua opvoedingsgedrag werd bij een aantal variabelen geen effect gevonden, maar wel bleken Home-Start moeders consistenter en minder negatief op te voeden dan controlegroepmoeders na afloop van Home-Start.

In zowel de Home-Start als de vergelijkingsgroep was het probleemgedrag van het kind afgenomen. De veranderingen in kindgedrag kunnen dus niet aan Home-Start worden toegeschreven.

Is Home-Start effectief?

Home-Start bleek effectief in het vergroten van het welzijn en het verbeteren van een deel van het opvoedingsgedrag van moeders. Het gedrag van het kind werd door Home-Start niet beïnvloed. Dat wil zeggen; het probleemgedrag was verminderd, maar voor de Home-Startgroep evenveel als voor de controlegroep. Wellicht worden deze effecten pas later bereikt. In de literatuur wordt vaker een sleeper effect gevonden (een effect dat zich later in de tijd openbaart).

Beperkingen

Dit onderzoek heeft verschillende beperkingen. De eerste is dat de onderzoeksgroep vrij klein is en weinig moeders uit etnische minderheden deelnamen aan het onderzoek.

De tweede beperking is dat deelnemers niet willekeurig toegewezen zijn aan de interventie- en vergelijkingsgroep, wat de mogelijkheid openlaat dat de groepen toch op bepaalde kenmerken van elkaar verschillen, waardoor de gevonden effecten het gevolg zouden kunnen zijn van variabelen waarvoor niet gecontroleerd is, in plaats van een gevolg van Home-Start.

En nu?

In de zomer van 2007 is de moeders die eerder deel hebben genomen aan het onderzoek opnieuw gevraagd de vragenlijst in te vullen. Ook is (met toestemming van de moeder) de leerkracht uit het basisonderwijs gevraagd een vragenlijst over het kind in te vullen.

Verwijzingen

Naar aanleiding van dit onderzoek zijn verschillende nationale en internationale wetenschappelijke artikelen geschreven, deze kunt u vinden in de publicatielijst op de website van Jessica Asscher.

Gepubliceerd door  RICDE

8 november 2013